THEATERTEKSTEN

Auteursbond-theaterteksten
is een project van de
Auteursbond, de
beroepsorganisatie
van (toneel)schrijvers en
vertalers in Nederland.
Altijd februari
door Marian Boyer - 2006
PDF   AUTEUR
TEKSTEN VAN DEZE AUTEUR

Trefwoorden: familiebanden, spanning
Thema: Afscheid en het doorleven met morele schuld
Genre: Drama/toneelspel

Synopsis:
Een oudere vrouw in een café herinnert zich, niet voor de eerste keer, haar twee jongere zusters. Ooit maakte ze deel uit van een drieling. Maar bij een schietincident voor hun school komen er twee om het leven. De vrouw moet hiermee verder leven.

Samenvatting:
Wanneer het stuk begint zien we de nog enig overlevende van een drieling, Christiane. Zij is nu in de veertig en werkzaam als lerares. In haar stamcafé kijkt zij via flashbacks terug op de tijd dat zij en haar zusters - Arlette en Isabella - zestien waren. Dat is de leeftijd waarop de drieling voorgoed werd gescheiden. Langzaam maar zeker ontwikkelt de tekst zich naar de fatale ontknoping. Christiane is de enige die het nog kan navertellen. Het stuk eindigt niet in optimisme, maar bedient zich van een even dwarse als liefdevolle, lichte toon.
Boyer's vragen over opvoedpatronen in de huidige tijd vormden de inspiratiebron voor het stuk. De nieuwe tijd heeft vrijheden opgeleverd waaruit nieuwe vragen worden geboren. Deze vragen vormen de startpunten van deze zoektocht in taal. Uiteindelijk gaat het in alle getoonde verwarring en stoere onzekerheid om het urgente verlangen naar eenheid en geborgenheid, in een tijd van ultieme grenzeloosheid.

Fragment:
Arlette, Isabella en Christiane vormen samen een drieling
Op moment van spreken zijn zij niet per se even oud
In volgorde van spreken staat de C voor Christiane
B is een afkorting voor Bella, oftewel Isabella
De A is van Arlette
We zien de toneelwerkelijkheid van een café
Sleets en niet onaangenaam

(....)
II.3

C
Ze hebben gezegd:
jullie hebben niks te klagen
Doen we ook niet
Klagen
Wij
Maar het is zo dom
A
Weet je wat het is
Ze mogen blij zijn
dat we ze niet meteen overhoop schieten
B
Arlette?
A
We zouden ze uit hun lijden moeten verlossen
Dat zouden we eigenlijk moeten doen
Dat doen we niet
Dus een beetje dankbaarheid
is hier wel op z'n plaats
C
Dat iedereen dat weet
A
Dat iedereen dat weet
C
Dus zelfbeklag?
Wij?
Doen we niet aan
Nooit aan gedaan ook
A
Wij en zelfbeklag
Lul op zeg
Maar hoe dat klìnkt weten we
We weten het maar al te goed
B
Ja, hoe dat klinkt
Maar 't ook doen
da's niets voor ons
A
Lul toch op
B
Voor mij ook niet
A
Maar voor mij dus helemaal niet
We weten gewoon te goed hoe dat klinkt
Dat zelfbeklag
In alle talen
Hoe ging het ook weer?
Ikke niet weten, ikke niet verstaan, ikke uitkering (lacht)
B
Kijk, dat zou ik dus niet gauw doen
A
En ik dus wel
Daar word ik vrolijk van
C
Ik zou het ook niet doen
A
Ach, iedereen praat zo
C
We moeten op onze tellen passen
A
Ja, iedereen moet op z'n tellen passen
maar wij wel een paar tellen erbij!
Is het niet, Bel?
B
Ja, da's wel waar hoor
C
Je weet wat er is gezegd

A
Iedereen weet wat er is gezegd
En wij moeten dat zeker extra weten
B
't Is waar
Een hond heeft nog meer vrijheid dan wij
De hond schijt waar die wil
Blaft tegen wie die wil
Rijdt tegen 't been op dat-ie zelf kiest
Dat kan een hond allemaal
Een kat kan dat ook
Een vlo kan dat ook allemaal
Maar wij?
A
(lacht) Goedzo Bel
Sorry, maar soms moet ik even
Dan zegt iemand een woordje
een heel kleintje maar
En dan vliegt 't uit de bocht
Zo'n woordje als zelfbeklag, bijvoorbeeld
Ik bedoel, iemand met ook maar een beetje taalgevoel
B
Sowieso gevoel
C
Het gíng niet over zelfbeklag
B
Nee?
C
Het ging over een uitkering
A
Precies
Een uitkering voor Arabieren!
B
Voor Arabieren?
A
Ja, de uitkering die alle Arabieren krijgen
Pas op: niet ik zeg dat
't Wordt gezegd
B
Die krijgen speciaal een uitkering?
C
't Gaat dus even over andere woordjes
A
Over zelfbeklag
B
Bij Arabieren?
A
Dat wij daar niet aan doen
Niet graag
B
Niet graag
Helemaal niet
A
En ik dus helemaal nooit
Hebben wij soms niet op boksles gezeten
C
Klopt
A
Kickboksen, judo, aikido, capoeira
C
Klopt
A
Hebben we allemaal gedaan
Is allemaal leuk, lief en aardig
C
Klopt
A
Maar boven 't boksen gaat d'r niks
B
Klopt
C
Dat zeg ik

B
Klopt ja

A
Zeg, die bokskampioen, die vrouw
Och kom, hoe heet ze?
Die -
B
Die negerin bedoel je?
Die zwarte met die blanke spieren?
Rijk? De Rijke!
Lucy
A
Lucia!
B
Lucia ja!
Lucia Rijker, die!
C
‘Een vrouw met een naam als een dansende directe’
Precies zo zei ons moeder het
Vader vond het wel een lekker wijf
‘Kan mij het schelen dat ze zwart is
Aan dat dansen kan je zien hoe ze neuken
Heel goed
Heel soepel ook
En die vrouw danst, hoor!
O, wat danst die vrouw!
En wat of een smashen dat die geeft!
A
Wat een dreunen!
Die heeft geen Remington nodig
C
Dat is de menselijke Remington herself
Inslag maximaal, terugslag nul
Een meer dan goddelijk uithoudingsvermogen!
A
Wat een talent
En koppie koppie hoor
Ook met de centen
C
Zeker met de centen
Misschien dat ze ver weg ook iets joods heeft?
A
Die vocht zich een weg naar Amerika.
Amerika! Jazeker!
B
O, die komt overal
Je komt overal, als je maar wil
Zelfs als neger
Een neger die wil
komt overal
Een joodse neger
arriveert in het heelal
A
Mandala Bay Casino in Los Angeles
Boy, that's heaven
Even for jewish niggers
Niet leuk?
Niet leuk?
Mandala Bay Casino in L.A. niet leuk?
Die komt werkelijk overal!
En wij zouden dáár dan niet binnen mogen?

C
Precies
Het moet niet veel gekker worden
B
Mandala Bay Casino in Los Angeles
Boy, that's heaven
Dat is fokking hemels
C
Wat is er met jou?
B
Ik raak een beetje opgewarmd
En het voelt fantastisch
C
Nou
Je moet ook iets niet meer maken dan het is
B
Grappig
Dat zei onze moeder ook altijd
A
Maar zeker ook niet minder
B
Dank je
C
Da's meer onze vader
Een tik is een tik, zegt hij
Niet meer dan dat
B
Maar iedereen mag het weten
De wereld moet het weten:
Wat krom is gaan wij rechten
Ai, dit gaat lekker
A
Dat gaat heel, heel lekker
B
Of mag je dat soms ook al niet meer zeggen?



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
login