THEATERTEKSTEN

Auteursbond-theaterteksten
is een project van de
Auteursbond, de
beroepsorganisatie
van (toneel)schrijvers en
vertalers in Nederland.

privacy verklaring

De familie Kegge
door René Retèl - 2014
PDF   AUTEUR
TEKSTEN VAN DEZE AUTEUR

Trefwoorden: 19e eeuw, zedenschets, slavernij, liefde, dood
Thema: Ken uw stand
Genre: Tragikomedie, Verteltheater

Beschrijving:
Bij herlezing van De Camera Obscura van Hildebrand viel mij het volgende op.
De beschrijving van personen, hun kleding en hun inrichting dienen bij Hildebrand ook een doel. Het wordt allemaal niet zomaar beschreven, omdat het leuk en aardig is, nee, het gaat er om dat de lezer weet hoe deze of gene er bij loopt, om zich zo een oordeel te kunnen vormen van de stand waartoe deze persoon behoort. Of nog preciezer: tot welke stand hij of zij behoort én tot welke stand hij of zij zou wíllen behoren.
Sommige mensen zijn tevreden met hun status in de wereld en kleden zich dienovereenkomstig, maar er zijn ook altijd mensen die er naar streven zich te verbeteren en die graag tot een hogere klasse zouden willen toetreden en dit in kleding en gedrag uitdragen.
In alle verhalen uit de Camera maar zeker in het verhaal  ‘De familie Kegge’  is deze ‘struggle for high-life’ heel duidelijk aanwezig. De ex-slavendrijver Adam Kegge, is als gefortuneerd man teruggekeerd uit de West en zijn dochter Henriëtte, doet er nu alles aan om toegang te krijgen tot de hoogste kringen in de stad. Hoewel Hildebrand dit alles geamuseerd en ook met compassie beziet is het ook duidelijk wat hij er van vindt: Hij keurt het af. Zijn mening is duidelijk: ‘Weet gij dan niet, dat indien de kringen, welke gij zo verlangend zijt binnen te treden, zich voor u openden, gij in gestadigen angst zoudt verkeren voor eene toespeling op uw vaders afkomst, eene hatelijkheid op uw aangewaaiden rang?’
Kortom: Als je als dubbeltje geboren bent moet je geen kwartje willen worden.
René Retèl

Fragment:
Waarin Hildebrand kennis maakt met Henriette, Coco, mevrouw Kegge en de rijkdom van Adam Kegge (de salon)
 
Hildebrand  
(tot publiek) Een paar weken later kreeg ik een brief ter herinnering aan mijn belofte. En weinige dagen daarna deed ik mijn opwachting bij de vrouw en de mooie brunette. (we horen het geblaf van hondjes op de achtergrond)
Henri 
(laat hem binnen) De heer Hildebrand.
Henriette     
(staat op) Dank je Henri. Meneer Hildebrand, wat een genoegen u te zien. Hopelijk hebben Azor en Mimi, de hondjes van mama, uw pantalon heel gelaten.  Papa heeft er zich zo veel van voorgesteld u te mogen ontvangen.
Hildebrand  
Hoe maakt u het.
Henriette     
Hij zal vast niet lang op zich laten wachten. Hij werd geroepen voor een dringende commissie. Mag ik u mijn moeder voorstellen.
Hildebrand  
Hoe maakt u het.
Henriette     
En dit is Coco, onze kaketoe. Kijk eens Coco wie daar is. Het is meneer Hildebrand uit Leiden. Hij praat zo aardig. Ik ben begonnen hem mijn naam te leren. Coco, hoe heet de vrouw? Zeg het maar: Henriette, Henriette … toe dan …
Coco 
Koppiekrauw!
Henriette     
(geeft hem een tik) Foei, akelig beest! Papa leert hem die woorden, uit aardigheid. Maar ík vind het zeer onaangenaam.
Kegge          
(op) Ah,daar ben je, onsterfelijke vriend!. Daar doe je goed aan. Heel goed. Nog niets gebruikt? Wat wil je hebben? Madeira, Teneriffe, Malaga, Constantina? Witte port? Vruchtenwijn? Lieve kind, laat onmiddellijk de likeuren komen. Wat zit jij daar te druilen, Lorre?
Henriette     
Hij heeft knorren gehad, Papa. Omdat hij andere woorden zegt dan die ik hem geleerd heb.
Kegge          
Allemaal gekheid! Hoe meer woorden hoe beter! Poes, poes! Koppiekrauw! Gekskap! …
Henriette     
Papa, ik had het waarlijk liever niet!
Kegge            Nu, nu, Harriot my dear! Ik zal het niet meer doen. Maar wat zeg je van onze gast, meneer Hildebrand? En wat zegt meneer Hildebrand van mijn dochter? …. Allemaal gekheid! Jullie worden vast goede vrienden. Voortaan geen gemeneer en gemejuffrouw, maar Henriette en Hildebrand.
(Henri brengt een grote sandelhouten kist binnen waarop in sierlijke letters Liqueurs. Kegge doet hem open en gaat inschenken)
Henri 
Alstublieft, master.
Kegge          
En jij ook, Henri, geen master meer hè. ‘Meneer’.
Henri 
Ja ma …, meneer.
Kegge          
Hoor reis, onsterfelijke! Dit is nu mijn huis,, dit is mijn vrouw, dit mijn oudste dochter, en straks bij het diner zul je al de kinderen zien, niet waar Hanna? Dan weet je hoe het hier toe gaat. Je moet weten: wij in de West zijn familiaar. In Europa is men vrij wat stijver. Je hebt hier adellijke heren en grote hanzen; daar behoor ik niet toe; waarachtig niet; ik ben niet van adel; ik ben geen grote hans; ik ben een parvenu, zo je wilt. (Henriette verlaat geërgerd de kamer)  Maar ik hoef goddank niemand naar de ogen te zien; dat is één geluk! Leve de vrijheid, en vooral hier in huis! Je doet en je laat hier alles wat je goed vindt, slaapt zo lang als je wilt, eet goed, drinkt goed … dat zijn de wetten van het huis. Waar is Henriette?
Hanna          
Naar haar kamer. Zich aan het verkleden, dunkt me.
Kegge          
Ik heb er elf gehad. William, die je gekend hebt; Henriette, die je gezien hebt; dan valt er een gat; eerst kreeg mijn vrouw een miskraam en daarop een dood kind; de vierde is tien jaar oud geworden; dan komen de jongens Rob en Adam, die zijn allebei nog ondeugender dan hun vader; dan is er weer eentje dood, met anderhalf jaar vergiftigd door een beest van een negerin; dan krijgen we weer een meisje, Hanna; dan een kleine jongen, Jan; en dan hebben we Sofietje en de allerkleinste heet Kitty. Zo, als je nu wilt weten waar je slaapt, onsterfelijke, ga dan mee als je wilt; dan kan je meteen de bibliotheek zien.
 
 


 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
login